Daily Wire
Monday, 02 November 2026

800 jaar oude kerken in Groningen kraken onder zomerse droogte

De middeleeuwse kerken in Groningen, die al 800 jaar oud zijn, ondervinden niet alleen schade door aardbevingen, maar ook door de aanhoudende droogte. Dit blijkt uit een verkennend onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van de provincie Groningen en de Stichting Oude Groninger Kerken. De focus lag op de impact van droogte op de wierden, de kunstmatige heuvels waarop de kerken in Oostum en Den Ham zijn gebouwd, ten noordwesten van de stad Groningen.

Het onderzoek werd ingegeven door schade die in 2018 aan de kerk in Oostum werd ontdekt, terwijl er twee jaar eerder vermoedelijke aardbevingsschade was hersteld. Sindsdien zijn er geen grote bevingen meer geweest, maar de schade aan de kerk lijkt nog steeds te verergeren. De onderzoekers vermoeden dat de bodembewegingen door droogte een belangrijke factor zijn en waarschuwen dat meer erfgoed in de regio met deze problemen kan kampen.

De beheerders van de kerk in Oostum, Hesther le Grand en Niels Smit Duyzentkunst, hebben een sterke band met het gebouw. "Ik vind het altijd een beetje zijig klinken, maar het doet iets met de energie dat het al zo oud is. Op de een of andere manier voel je dat," zegt Le Grand. Smit Duyzentkunst legt uit dat de lange geschiedenis van de kerk zichtbaar is voor een getraind oog. "Het was een booggewelfkerkje, maar al na twee eeuwen zijn ze er flauw van geweest en hebben ze er een balkenplafond in gezet," vertelt hij terwijl hij naar het dak wijst. "Weer twee eeuwen later kwam de kansel erin en de herenbanken. De hele geschiedenis zie je hier."

Ondanks de rijke geschiedenis verschijnen er de laatste jaren steeds meer scheuren in de muren van de kerk. "Het is niet vanzelfsprekend dat de kerk hier over 800 jaar nog staat, want de veroudering gaat nu heel erg snel," waarschuwt lector klimaatadaptatie Floris Boogaard van de Hanzehogeschool. Hij noemt deze kerken "Gronings trots" en stelt dat naast de twee onderzochte kerken, er meer zijn die met vergelijkbare problemen te maken hebben.

Boogaard legt uit dat het onderzoek zich richt op de beweging van het gebouw en de wierden. "Je merkt dat de kerk in Oostum aan het bewegen is," zegt hij. Dit onderzoek loopt over een periode van twee jaar, en voordat er definitieve conclusies kunnen worden getrokken, is langdurig onderzoek noodzakelijk. Boogaard is er echter van overtuigd dat de ondergrond van de kerk gevoelig is voor krimp en zwelling, wat gevolgen kan hebben tijdens langdurige droogte.

Volgens Boogaard dalen de grondwaterstanden. "Van veen is bekend dat het oxideert en compacter kan worden. En dan hebben we ook nog klei. Die hebben we in het laboratorium bemonsterd en blijkt 'krimp-zwel-klei' te zijn. Dat betekent dat die zwelt als er water bij komt en dat de grond bij droogte naar beneden gaat." Hij benadrukt dat diverse factoren bijdragen aan scheurvorming in kerken, zoals verkeer, veranderingen in de omgeving en aardbevingen. Echter, op deze factoren is de afgelopen jaren weinig veranderd, terwijl de scheuren verergeren.

Boogaard merkt op: "Het klimaat verandert. De droogteperiodes zijn significant langer: in 2018 was het twee maanden droog en dat heeft echt effect gehad." Dit jaar kende ook uitzonderlijk lange droge periodes. "De intensiteit zie je terug in de bouwkundige staat van dit gebouw."

Oplossingen worden momenteel verder onderzocht, maar de onderzoekers zijn het erover eens dat een stabiele waterhuishouding essentieel is voor de oude kerken. In Oostum zou bijvoorbeeld het graven van kuilen rond de kerk kunnen helpen, zodat water zich daar verzamelt en langzaam in de bodem zakt. Dergelijke maatregelen zouden op meerdere locaties verlichting kunnen bieden, denken zij.

De beheerders van de kerk in Oostum zijn positief over het onderzoek. "Ik vind het heel fijn dat mensen nu kijken naar wat de problemen zijn en wat we eraan kunnen doen," zegt Smit Duyzentkunst. "Voor de hele gemeenschap zou het mooi zijn als dit soort plekken kunnen blijven bestaan." Le Grand voegt daaraan toe: "Ook over 800 jaar nog."