''Wie zijn beelden analyseert, ziet dat hij heel veel goed doet''
Tjark Ernst ontvangt dit seizoen de nodige kritiek op zijn prestaties bij Feyenoord, maar Harm Zeinstra ziet genoeg aanknopingspunten voor de toekomst. De voormalige doelman van FC Emmen en SC Cambuur heeft op verzoek van het Algemeen Dagblad wedstrijdbeelden van de 23-jarige Duitse keeper geanalyseerd. De schrijver van De keeperscode benadrukt dat Ernst over veel goede technische kwaliteiten beschikt.
Zeinstra beschrijft Ernst als een interessante keeper, maar merkt op dat hij meer doelpunten tegen krijgt dan de statistieken doen vermoeden. ''Ernst heeft de overstap gemaakt van de Tweede Bundesliga, een serieus niveau, naar de Champions League. Dit kan betekenen dat er nu andere verwachtingen van hem zijn, zeker in de speelstijl. Voorheen kon hij misschien zes reddingen maken, terwijl hij nu bij een topclub vaak nog maar twee of drie reddingen nodig heeft. Dit kan tijd vergen voor een keeper om zich aan te passen,'' aldus Zeinstra.
Tegelijkertijd ziet hij ook veel sterke punten. ''Wie zijn beelden bekijkt, zal merken dat hij veel goed doet. De afstandsschoten gaan soms wat te gemakkelijk in, wat een groot deel van de kritiek verklaart. Maar wie dieper kijkt, ziet dat hij vaak goed in staat is om de voorwaarden voor het stoppen van ballen toe te passen. Hij staat bijna altijd goed gepositioneerd en weet die positie goed vast te houden,'' legt Zeinstra uit.
Dit onderscheidt Ernst volgens hem van andere keepers die sneller hun positie verlaten. ''Als je kijkt naar keepers als Vaessen of Barkas, of naar de jonge Justin Bijlow na zijn doorbraak, dan kwamen zij soms in posities waar ze niet hadden moeten zijn. Ze renden zomaar hun doel uit. Vaessen gaat vaak snel naar de grond, terwijl Ernst lang blijft staan om het doel goed te beschermen,'' merkt Zeinstra op.
Bij de 0-1 van Assane Diao in de wedstrijd tegen Como kreeg Ernst kritiek omdat hij te lang bleef staan. ''Maar als de aanvaller de bal onder controle heeft, is het beter om te blijven staan dan om naar de grond te duiken. Waar hij nog verbetering kan tonen, is in explosiviteit en de snelheid waarmee hij naar de hoeken gaat. Het goede nieuws is dat dit ontwikkeld kan worden. In mijn ogen is Ernst een technisch bekwame keeper,'' zegt Zeinstra.
Hij vergelijkt Ernst ook met PSV-doelman Matěj Kovář, die in het verleden ook kritiek te verduren kreeg. ''Ik realiseer me dat Feyenoord en PSV heel verschillende clubs zijn, maar Kovář heeft zich stilletjes ontwikkeld tot een echte nummer 1,'' voegt hij eraan toe.
Ook met het spel aan de voet ziet Zeinstra geen grote reden tot bezorgdheid. Cijfers die door het Algemeen Dagblad worden genoemd, tonen aan dat 73,7 procent van zijn passes en 43 procent van zijn lange passes aankomen. ''De passnauwkeurigheid van Ernst is behoorlijk hoog,'' stelt Zeinstra. ''Hij kan ruimtes goed bespelen en ook nauwkeurig inspelen over lange afstanden. Dat het in het begin van het seizoen minder soepel ging, heeft vaak te maken met de patronen die spelers moeten aanleren.''
Hij haalt een voorbeeld uit het verleden aan. ''Toen Mats Wieffer bij Feyenoord speelde, wist Justin Bijlow, ook onder druk, dat hij de bal kwijt kon als Wieffer eruit stapte. Toen Wieffer vertrok, werd het weer zoeken.''
''Vergeet niet: Ernst heeft al meer dan honderd wedstrijden in Duitsland gespeeld op zijn 23e. Hij speelt nu in de Champions League, wat hem enorm zal helpen. De kans is groot dat hij snel verder zal ontwikkelen. Het zal altijd beter gaan als hij vertrouwen heeft. Hij is nu stabieler als keeper dan Bijlow was toen hij net bij Feyenoord begon. Bijlow heeft zich daarna sterk ontwikkeld, maar Ernst kan dat ook. Hij maakt geen rare dingen. Ik begrijp het sentiment, maar soms werd een bal net iets te laat aangeraakt of ging hij tussen twee benen door. Ik zou zeggen: heb geduld met deze keeper, net zoals het Legioen ooit had met Bijlow. Gun hem de tijd, zoals Kovář die kreeg bij PSV. Ik ben voorzichtig positief over de toekomst van Tjark Ernst bij Feyenoord,'' concludeert Zeinstra.