Daily Wire
Wednesday, 28 October 2026
Entertainment

Omroepen EO en WNL waren bereid mee te werken aan inzending Songfestival

De omroepen EO en WNL waren bereid om een bijdrage te leveren aan de selectie en begeleiding van de Nederlandse inzending voor het Eurovisie Songfestival. Dit blijkt uit informatie die verschillende bronnen aan Nieuwsuur hebben verstrekt.

Vandaag werd bekend dat Nederland volgend jaar niet zal deelnemen aan het Eurovisie Songfestival. De NPO maakte deze beslissing bekend na gesprekken met de betrokken omroepen. Er zou onvoldoende steun zijn voor deelname aan het evenement. De NPO stelt dat zij alleen artiesten naar het songfestival wil sturen als er volledige ondersteuning is van een of meerdere omroepen.

Jurre Bosman, directeur Media bij de NPO, bevestigde tegenover Nieuwsuur dat er tot gisteravond constructief is nagedacht over verschillende mogelijkheden voor deelname, inclusief samenwerking tussen meerdere omroepen. "De laatste stap om medewerkers te sturen en een handtekening te zetten, bleek echter te groot door de gevoeligheid rondom de deelname van Israël," aldus Bosman.

De gevoeligheid rondom de Israëlische deelname was al bekend toen AVROTROS een maand geleden besloot zich terug te trekken. Desondanks gaf de NPO kort daarna aan dat Nederland, ondanks de deelname van Israël, weer zou deelnemen aan het songfestival. De Nederlandse inzending zou een gezamenlijk project van de publieke omroep worden, gecoördineerd door de omroepenkoepel.

Enkele omroepbestuurders verwijten de NPO "bestuurlijke onhandigheid", maar Bosman ontkent dit. "We waren ons bewust van de situatie toen we vorige maand aankondigden dat we aan een team voor deelname zouden werken," zegt hij. "We hebben goede gesprekken gevoerd met verschillende omroepen die de waarde van het songfestival inzien en wilden bijdragen aan een samenwerking. Er waren zelfs al mensen voorgedragen."

Uit gesprekken met betrokkenen blijkt dat zowel de EO als WNL bereid waren om mee te denken over een mogelijke inzending. Arjan Lock, de vertrekkende directeur van de EO, gaf aan dat de omroep samen met de NPO naar een oplossing zocht om een Nederlandse deelname mogelijk te maken, maar dat het nooit de bedoeling was dat het festival onder de naam van de EO zou worden uitgezonden. Een woordvoerder van de EO voegde hieraan toe dat het songfestival wel bij de publieke omroep hoort, maar dat het niet bij de EO past. De EO gaf medewerkers de ruimte om op persoonlijke titel mee te denken met de NPO. Lock betreurt het dat het niet gelukt is om een Nederlandse inzending te realiseren.

WNL bevestigde dat de omroep bereid was om te onderzoeken hoe ze konden bijdragen aan de Nederlandse inzending. "Er bleek binnen de publieke omroep onvoldoende steun te zijn. Voor een journalistieke omroep als WNL is het geen optie om dit alleen te doen," aldus een vertegenwoordiger van WNL.

De NPO heeft geen commentaar gegeven op deze uitspraken en laat weten geen informatie te verstrekken over gesprekken met individuele omroepen.

De mogelijkheid dat Nederland alsnog een artiest zou sturen naar Bulgarije als een gezamenlijk project van de omroepen leidde tot veel kritiek en weerstand. Eerder deze maand stuurden meer dan vierhonderd medewerkers van de publieke omroep een brandbrief naar de omroepenkoepel, waarin zij hun bezorgdheid uitten over de deelname aan het evenement vanwege de Israëlische deelname.

Volgens Bosman is de beslissing van de NPO om geen deelnemer te sturen niet beïnvloed door deze brandbrief. "We hebben deze conclusie getrokken op basis van het gebrek aan steun bij de omroepen. Dit draagvlak is essentieel om de artiesten op een goede manier naar zo'n groot evenement te sturen. Zonder de juiste steun van een of meerdere omroepen is dat niet mogelijk," verklaarde hij.

De NPO blijft in gesprek met de EBU, het samenwerkingsverband van publieke omroepen dat het songfestival organiseert, over de toekomst van het evenement. Bosman benadrukte: "Dit gaat niet meer over de editie van 2027 in Bulgarije, maar over de edities daarna, in 2028."