Hongarije maakt namen van informanten die burgers spioneerden openbaar
Hongarije heeft recentelijk tienduizenden documenten van de geheime politie uit de communistische periode vrijgegeven. In deze documenten zijn de namen, aliassen en andere relevante gegevens van bijna 60.000 voormalige informanten opgenomen die tijdens het regime burgers bespioneerden.
De Hongaarse regering hoopt met deze openbaarmaking dat het land zijn verleden onder ogen kan zien en verwerking van deze geschiedenis mogelijk wordt. Van 1945 tot 1989 maakte de geheime politie gebruik van een netwerk van informanten om de bevolking nauwlettend in de gaten te houden.
Deze informanten werden aangemoedigd om dissidenten of anderen die zich tegen het regime verzetten te rapporteren, wat ook familieleden, vrienden en collega's kon omvatten. In sommige gevallen werden informanten onder druk gezet om te spioneren op basis van chantage, bijvoorbeeld wanneer de geheime politie gevoelige informatie over hen had. Anderen werden verleid met beloftes van voordelen, zoals toegang tot medische zorg of toelating tot universiteiten.
De geheime politie richtte zich op verschillende doelgroepen, waaronder mensen met buitenlandse contacten, personeel in de horeca, taxichauffeurs, intellectuelen en sporters. De onthulling van deze documenten kan leiden tot het onder ogen zien van pijnlijke waarheden voor veel Hongaren.
Premier Magyar heeft zijn medelanders aangespoord om "waardig en menselijk" om te gaan met de vrijgegeven informatie. Tijdens een persconferentie merkte hij op: "Veel families zullen geconfronteerd worden met pijnlijke informatie, vaak over een inmiddels overleden familielid. Het is onmogelijk om een trauma te verwerken zonder het gesprek aan te gaan en vragen te stellen."
De gedigitaliseerde documenten in de nieuwe database geven niet alleen de echte naam en codenaam van een informant weer, maar bevatten ook gegevens zoals geboortedatum, adres en de naam van de moeder. Tevens wordt beschreven waarom de geheime dienst dacht dat een bepaalde persoon geschikt was om als informant te dienen.
Niet alle informatie is echter openbaar gemaakt; sommige delen zijn zwartgelakt vanwege privacyoverwegingen. Dit betreft bijvoorbeeld gegevens over de gezondheidstoestand of seksuele geaardheid van individuen. Het is ook belangrijk op te merken dat de database niet compleet is. Veel documenten zijn tijdens de Hongaarse Opstand van 1956 en in de jaren tachtig verloren gegaan of vernietigd.
Met de vrijgave van deze documenten heeft premier Magyar een van zijn beloftes ingelost, zes maanden na zijn verkiezingswinst. Na de val van het communisme in 1989 ontbrak het lange tijd aan politieke wil om deze belangrijke stukken openbaar te maken.
In februari volgend jaar worden naar verwachting de gegevens van ongeveer 25.000 mensen die ook als informant zijn gerekruteerd, verder vrijgegeven. Deze stap kan bijdragen aan een beter begrip van de impact van het verleden op de huidige samenleving in Hongarije.