Pensioenen lijken flink te stijgen in 2027: 'Maar daarna risico op magere jaren'
Het nieuwe pensioenstelsel lijkt te zorgen voor aanzienlijke stijgingen van de pensioenen in 2027. Verschillende grote pensioenfondsen zullen vanaf 1 januari 2024 overgaan op dit nieuwe systeem, waarbij ze hun reserves als extra uitkering aan de deelnemers zullen verdelen. Dit zou kunnen resulteren in een verhoging van de pensioenen met tussen de 12 en 25 procent, wat door velen als positief wordt ervaren.
Eric van Boven, een lid van de pensioengroep van de ouderenvereniging Anbo uit Drenthe, uit echter zijn bezorgdheid. Hij wijst erop dat na het verwachte goede pensioenjaar in 2027 er mogelijk jaren met lagere uitkeringen zullen volgen, wat samenhangt met de veranderingen in het pensioenstelsel.
In het nieuwe systeem wordt de collectieve geldpot verdeeld over individuele pensioenpotjes. Dit betekent dat wat deelnemers tijdens hun werkzame leven hebben opgebouwd, in hun eigen potje terechtkomt. Daarnaast zullen de pensioenfondsen ook hun reserves verdelen, dat is het geld dat overblijft nadat aan alle verplichtingen aan de deelnemers is voldaan.
Van Boven legt uit dat de hoogte van de pensioenuitkeringen in de jaren na 2027 zal afhangen van de beleggingsresultaten van de pensioenfondsen. Dit brengt volgens hem risico's met zich mee: "Voor de eerstkomende jaren kan het betekenen dat mensen juist een stuk minder krijgen. Daarbij bestaat het risico dat mensen een pensioen ontvangen dat niet koopkrachtig is. De uitkeringen zijn dan afhankelijk van de resultaten van beleggingen, wat vooral in de beginjaren onzeker is."
Desondanks is Van Boven van mening dat de situatie op de middellange en lange termijn waarschijnlijk zal verbeteren. "Maar er zijn eerst een paar overbruggingsjaren nodig waarin de pensioenfondsen een pot moeten opbouwen," zegt hij. De Anbo had liever gezien dat er een vaste ondergrens voor de pensioenen zou zijn. "Het is van belang dat de pensioenen altijd koopkrachtig blijven. Het nieuwe systeem had alles eenvoudiger moeten maken, maar dat is naar mijn mening niet gelukt."
Volgens Van Boven ontvangt de Anbo niet veel vragen van leden over de aanpassingen in het pensioenstelsel. "Mensen met vragen kunnen die het beste voorleggen aan hun eigen pensioenfondsen," voegt hij hieraan toe.
De rol van de Anbo is nu vooral om de ontwikkelingen op het gebied van pensioenen kritisch te blijven volgen. Van Boven zegt: "We doen dit onder andere door mensen in de besturen van pensioenfondsen en in de verantwoordingsorganen te betrekken, zodat we hen goed kunnen scholen en voorbereiden."
Daarnaast houdt de Anbo de werking van de wet in de gaten. "Als het nodig is, kunnen we een lobby opzetten richting de politiek om te pleiten voor verbeteringen," aldus Van Boven. Het is duidelijk dat de veranderingen in het pensioenstelsel zowel kansen als risico's met zich meebrengen, en dat de komende jaren cruciaal zullen zijn voor de financiële zekerheid van gepensioneerden.